ECLI:NL:RBMNE:2023:3355
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Opheffing afkoelingsperiode in besloten akkoordprocedure wegens niet-overleggen gevraagde bescheiden
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 24 mei 2023 het verzoek tot opheffing van de afkoelingsperiode in de besloten akkoordprocedure van een besloten vennootschap. De rechtbank had eerder op 21 april 2023 een afkoelingsperiode van twee maanden gelast en daarbij een termijn gesteld voor het overleggen van een liquiditeitsprognose en behaalde resultaten.
Verzoeker heeft niet binnen de gestelde termijn de gevraagde bescheiden overgelegd en heeft ook tijdens de zitting niet kunnen aantonen dat dit alsnog mogelijk was. Daarnaast is gebleken dat verzoeker haar verplichtingen uit een huurovereenkomst niet stipt is nagekomen. Gezien deze omstandigheden acht de rechtbank het niet langer redelijk dat de afkoelingsperiode het belang van de gezamenlijke schuldeisers dient.
Daarom heeft de rechtbank ambtshalve de afkoelingsperiode opgeheven, omdat niet langer wordt voldaan aan de vereisten van artikel 376 Fw Pro. De beslissing is genomen door drie rechters en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: De rechtbank heft ambtshalve de afkoelingsperiode op wegens het niet overleggen van de gevraagde bescheiden.