Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
Op de telefoon worden 5 video's aangetroffen in MP4 formaat. Opvallend is dat bij 3 van de filmpjes de bestandsnaam de naam " [slachtoffer 1] " bevat en alle filmpjes de naam van de verdachte in zich hebben ( [verdachte] of [verdachte] ). In de vijf video's zie ik dat steeds dezelfde man en vrouw seks hebben. De man neemt het initiatief. In ieder filmpje wordt de camera door de man gepositioneerd en soms herschikt. Soms wordt door de man gelopen met de camera. De man in de video's herken ik als de verdachte [verdachte] op basis van de foto op zijn ID-staat. De vrouw op de filmpjes herken ik als [slachtoffer 1] . In de eerste drie filmpjes is steeds een wit (schuin) plafond te zien met hartjes en bloemen. Op basis hiervan zijn de eerste drie video's vermoedelijk op de slaapkamer van [slachtoffer 1] gemaakt. Op de laatste twee video's zijn [verdachte] en [slachtoffer 1] vermoedelijk in het huis van de man van [slachtoffer 1] , [A] op de [straat] in [plaats 3] . Op de filmpjes staat rechts onderin de tekst [produktnaam] . [produktnaam] is een bewakings- en beveiligingsapplicatie op de telefoon waarmee een camera op een andere telefoon kan worden uitgekeken (bron: [internetsite] ).
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF EN MAATREGEL
9.BESLAG
10.BENADEELDE PARTIJEN
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
een gevangenisstraf van vier (4) jaren;
de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid als bedoeld in artikel 38v van het Wetboek van Strafrechtvoor de duur van vijf (5) jaren en beveelt dat verdachte op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zoekt, maakt of heeft met [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 2] 2003), [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 3] 2001) en [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum 4] 1983);
de maatregel strekken tot gedragsbeïnvloeding en vrijheidsbeperking als bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht;
- 1 STK Telefoontoestel (G2971595);
- 1 STK Telefoontoestel (G2970375);
- 1 STK Telefoontoestel (G2970132);
- 1 STK Simkaart (G2970377);
- 1 STIK Simkaart (G2970379);
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 30.041,07;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2015 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 30.041,07 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2015 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 185 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 1.500,-;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2015 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 1.500,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2015 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 15 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van [slachtoffer 3] toe tot een bedrag van € 500,-;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2015 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 3] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat € 500,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2015 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 10 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.