ECLI:NL:RBMNE:2023:412
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na intrekking beroep wegens tijdige beslissing bezwaar
Verzoeker, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, stelde beroep in omdat verweerder niet tijdig had beslist op zijn bezwaarschrift van 8 februari 2022. Op 30 november 2022 nam verweerder alsnog een beslissing op het bezwaar. Naar aanleiding hiervan trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank heeft zonder zitting uitspraak gedaan op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Gezien het feit dat verweerder aan het beroep tegemoet is gekomen, werd het verzoek om proceskostenvergoeding als kennelijk gegrond toegewezen.
De proceskosten werden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op de waarde per punt van €837,- met een wegingsfactor van 1/2, hoger dan het bedrag dat verweerder bereid was te vergoeden. Daarnaast wees de rechtbank erop dat verweerder verplicht is het griffierecht van €184,- te vergoeden.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten aan verzoeker, waarmee de procedure werd afgesloten.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €418,50 aan verzoeker.