Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
gedetineerd in [verblijfplaats] te [plaats 1] ,
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
7.STRAFBAARHEID VAN [verdachte (voornaam)]
8.OPLEGGING VAN MAATREGEL
9.BESLAG
10.BENADEELDE PARTIJ
Naar het oordeel van de rechtbank is gelet hierop het gevorderde bedrag van € 930,- voor ziekenhuisopname en € 736,- voor opname in het revalidatiecentrum toewijsbaar.
- kledingschade € 139,20 vanaf 21 augustus 2022;
- ziekenhuisdaggeldvergoeding € 930,- vanaf 21 augustus 2022;
- revalidatiedaggeldvergoeding € 736,- vanaf 20 september 2022;
- mantelzorg € 740,- vanaf 5 november 2022;
- reiskosten poliklinische behandeling € 382,80 vanaf 5 november 2022;
- reiskosten bezoek pleegouders revalidatiecentrum € 1.157,04 vanaf 20 september 2022;
- studievertraging € 15.375,- vanaf 21 augustus 2022;
- immateriële schade €40.000,- vanaf 21 augustus 2022.
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
- verklaart [slachtoffer] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 59.460,04 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de bij de hierna vermelde bedragen vermelde data: