Uitspraak
1.De procedure
- incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid;
- conclusie van antwoord in het incident.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser heeft een schadeverzekering afgesloten bij ASR voor een onroerende zaak die door brand is beschadigd. De vordering tot schadevergoeding bedraagt in totaal €246.900,-, maar eiser heeft zijn vordering in deze procedure beperkt tot €25.000,- en stelt dat het overige deel is overgedragen aan een derde.
ASR betwist de bevoegdheid van de kantonrechter en stelt dat er geen geldige overdracht heeft plaatsgevonden, maar dat er sprake is van pandrecht of lastgeving. De kantonrechter oordeelt dat hij bevoegd is op grond van jurisprudentie van de Hoge Raad die stelt dat bij gedeeltelijke cessie de kantonrechter bevoegd blijft voor het deel onder de absolute competentiegrens.
De kantonrechter overweegt dat de geldigheid van de cessie in deze procedure niet relevant is, omdat eiser zijn vordering uitdrukkelijk heeft beperkt. Eventuele geschillen over de overdracht of pandrecht zullen in een andere procedure moeten worden beoordeeld. Het incidentele verzoek van ASR wordt afgewezen en ASR wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De kantonrechter verklaart zich bevoegd en wijst het incidentele verzoek van ASR tot onbevoegdverklaring af.