Op 21 oktober 2022 sloten partijen een koopovereenkomst waarbij de eiser producten leverde aan de gedaagde tegen betaling binnen 30 dagen. De gedaagde betaalde niet en stelde later dat de producten incompleet en ondeugdelijk waren, waarna zij de koopovereenkomst buitengerechtelijk ontbond.
De kantonrechter oordeelde dat de gedaagde onvoldoende heeft onderbouwd dat de ontbinding rechtsgeldig was, omdat zij niet heeft aangetoond dat de verkoper in verzuim was gesteld en geen redelijke termijn voor herstel is gegeven. De klacht over de levering kwam pas na de betalingstermijn en was onduidelijk.
Daarom bleef de koopovereenkomst in stand en werd de gedaagde veroordeeld tot betaling van de factuur, wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke incassokosten. De reconventionele vordering tot retournering van de producten werd afgewezen.
De gedaagde werd tevens veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door mr. D.M. Staal en op 16 augustus 2023 in het openbaar uitgesproken.