ECLI:NL:RBMNE:2023:4328
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen handhavingsverzoek wegens ontbreken overtreding en proceskostenvergoeding
Eiseres verzocht het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijdemeren om handhaving tegen het gebruik van een perceel als kantoor, wat volgens haar in strijd was met de bestemming. Het college wees het verzoek af omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die handhaving rechtvaardigden. Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde zij beroep in bij de rechtbank.
Tijdens de zitting erkende het college dat er geen overtreding meer was, ondersteund door een toezichtrapport. De rechtbank beoordeelde ambtshalve het procesbelang van eiseres en concludeerde dat dit alleen bestond vanwege haar verzoek om proceskostenvergoeding in bezwaar. Dit recht op vergoeding is echter alleen aanwezig indien het primaire besluit had moeten worden herroepen wegens een aan het college te wijten onrechtmatigheid.
De rechtbank oordeelde dat de nieuwe feiten pas tijdens de bezwaarfase waren aangevoerd en het niet aan het college was te wijten dat deze niet in het primaire besluit waren meegenomen. Daarom was er geen onrechtmatigheid en geen recht op proceskostenvergoeding. Ook het bezwaar dat eiseres niet is gehoord in bezwaar werd buiten beschouwing gelaten omdat dit niet relevant was voor de onrechtmatigheid. Het beroep werd ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat geen overtreding meer bestaat en geen onrechtmatigheid aan het college kan worden toegerekend, waardoor geen recht op proceskostenvergoeding bestaat.