ECLI:NL:RBMNE:2023:4507
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering wegens onvoldoende bewijs van behoefte
Eiser heeft op 31 maart 2022 een bijstandsuitkering aangevraagd bij de RDWI vanwege het ontbreken van inkomen na overdracht van zijn bedrijf aan zijn schoonzoon. De aanvraag werd op 24 juni 2022 afgewezen omdat de RDWI niet kon vaststellen of eiser en zijn vrouw daadwerkelijk bijstand nodig hadden. De RDWI vroeg diverse bewijsstukken op, waaronder informatie over de verkoop van het bedrijf en banktransacties, maar eiser leverde niet alle gevraagde documenten aan.
Eiser stelde dat hij en zijn vrouw schulden hadden en van leningen van hun kinderen leefden, wat volgens hem aantoonde dat zij bijstand nodig hadden. De rechtbank oordeelde echter dat het niet aanleveren van de gevraagde informatie en het ontbreken van bewijs onvoldoende is om de behoefte aan bijstand vast te stellen. De stellingen van eiser over een slechte administratie en onvolledige boekhouding werden niet als gegronde redenen aanvaard.
De rechtbank concludeerde dat de RDWI de aanvraag terecht heeft afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De uitspraak werd gedaan op 6 juli 2023 door rechter J.G. Nicholson in aanwezigheid van griffier I.M. de Graaf.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard.