ECLI:NL:RBMNE:2023:4534

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
11 augustus 2023
Publicatiedatum
4 september 2023
Zaaknummer
UTR 23/2708
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:38 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdige betaling griffierecht bij Woo-verzoek

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht wegens het niet tijdig beslissen op een Woo-verzoek. De rechtbank heeft echter vastgesteld dat eiser het griffierecht van €184,- niet binnen de gestelde termijn heeft voldaan.

De rechtbank heeft eiser op 29 juni 2023 per aangetekende brief verzocht het griffierecht binnen twee weken te betalen. Deze brief werd niet opgehaald en is onbestelbaar retour gekomen. Vervolgens is de brief per gewone post verzonden, waarbij is aangegeven dat de termijn niet opnieuw begint te lopen. Eiser heeft niet gereageerd en het griffierecht niet betaald.

Omdat eiser geen geldige reden heeft gegeven voor het niet betalen, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54 Awb Pro. De rechtbank behandelt het beroep niet inhoudelijk en wijst een vergoeding van proceskosten af.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/2708

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 augustus 2023 in de zaak tussen

[verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker,

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiser, omdat verweerder niet op tijd heeft beslist op zijn verzoek om informatie op grond van de Wet open overheid (Woo).

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiser heeft namelijk het griffierecht niet op tijd betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 184,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald, is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiser op 29 juni 2023 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiser het griffierecht binnen twee weken moet betalen aan de rechtbank. Deze brief is echter onbestelbaar aan de rechtbank geretourneerd, omdat eiser de brief niet heeft opgehaald. Vervolgens is deze brief, ter voldoening aan het bepaalde in artikel 8:38 van Pro de Awb, aan eiser ter kennisneming per gewone post toegezonden. In deze brief is aangegeven dat de termijn uit de brief van 29 juni 2023 niet opnieuw aanvangt. Eiser heeft niet gereageerd op deze brief.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet op tijd ontvangen. Eiser heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro). Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld.
7. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.A.M. Elzakkers, rechter, in aanwezigheid van
mr. S.C. Hak, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 11 augustus 2023.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.