Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
hierna: [verdachte] .
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
(primair), dan wel op dezelfde datum [slachtoffer 3] heeft bedreigd (
subsidiair);
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
en/of
terwijl dit door hem gepleegde geweld enig lichamelijk letsel, te weten kaakletsel voor die [slachtoffer 3] ten gevolge heeft gehad;
althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN [verdachte]
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
10.BENADEELDE PARTIJEN
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 33, 33a, 36f, 47, 55, 77a, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg, 141, 266, 267, 285, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht en
- 13 en 55 van de Wet wapens en munitie;
12.BESLISSING
- veroordeelt [verdachte] tot een
- bepaalt dat de tijd, door [verdachte] vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht (37 dagen), bij de tenuitvoerlegging van de jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat van de jeugddetentie een gedeelte van
- stelt daarbij
- als algemene voorwaarden gelden dat [verdachte] :
- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;
- zich in het kader van Toezicht en Begeleiding, waarvan twaalf maanden zullen bestaan uit de maatregel ITB Harde Kern, en daarna gedurende een door de gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden Nederland te bepalen periode en op de door de gecertificeerde instelling te bepalen tijdstippen, zal melden, zo frequent en zolang de jeugdreclassering dat gedurende de proeftijd noodzakelijk acht, en zijn medewerking verleent aan de daaruit voortvloeiende afspraken;
- zich onder behandeling zal stellen van De Waag of een soortgelijke instelling zolang de jeugdreclassering dit nodig acht;
- op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met de aangever [slachtoffer 1] (geboren op [1966] ), de medeverdachte [medeverdachte] (geboren op [2006] ), de aangever [slachtoffer 3] (geboren op [2006] ), en [C] (geboren op [2002] ), en [D] (geboren op [2008] ), zolang de jeugdreclassering dit nodig acht;
- zich zal houden aan het locatieverbod
- zich ter controle van het locatieverbod onder elektronisch toezicht zal stellen van de gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden Nederland te Utrecht. zolang de jeugdreclassering dit nodig acht, met een maximum van een half jaar;
dadelijk uitvoerbaarzijn;
werkstraf van 100 uren;
vervangen door 50 dagen jeugddetentie;
verbeurd verklaard:
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 1.350,00;
- veroordeelt [verdachte] hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 januari 2023 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 1] voor wat betreft het meer gevorderde niet ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering oor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- legt [verdachte] de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 1.350,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 januari 2023 tot de dag van volledige betaling. Bij gebreke van betaling en verhaal wordt
- bepaalt dat [verdachte] van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt [verdachte] ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op nihil;
- verklaart [slachtoffer 3] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat iedere partij haar eigen kosten draagt.