Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de Belastingdienst/Toeslagen op haar aanvraag tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag van 5 februari 2021. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat verweerder in gebreke is gesteld op 18 augustus 2022. Het beroep is gegrond verklaard omdat verweerder nog geen besluit heeft genomen.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog een besluit moet nemen binnen een termijn van twaalf weken na het verweerschrift, met een mogelijke verlenging afhankelijk van de termijn waarbinnen eiseres een zienswijze indient. Tevens wordt een dwangsom van € 100,- per dag opgelegd, met een maximum van € 15.000,-, voor elke dag dat verweerder de beslistermijn overschrijdt.
Verder wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter M. Eversteijn op 7 februari 2023.