Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van de Belastingdienst op haar aanvraag tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag van 8 februari 2021. Het geschil betreft de overschrijding van de beslistermijn, waarbij eiseres de Belastingdienst op 26 september 2022 in gebreke stelde en vervolgens op 15 november 2022 beroep indiende.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en verklaart het beroep gegrond. De Belastingdienst wordt opgedragen binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit te nemen. Hoewel de Belastingdienst om een langere termijn van dertien weken verzocht vanwege de complexiteit en het grote aantal aanvragen, acht de rechtbank een termijn van twee weken passend omdat de door verweerder voorgestelde langere termijn inmiddels is verstreken.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 voor elke dag dat de Belastingdienst de termijn overschrijdt. Verweerder wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres ad €418,50 en het betaalde griffierecht van €50. De uitspraak is gedaan door rechter M.C. Verra op 15 februari 2023.