Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie met producties 1 en 2;
Rechtbank Midden-Nederland
In deze civiele bodemzaak stond centraal of er een overeenkomst was gesloten tussen eiseres en gedaagde en of gedaagde de factuur voor de door eiseres gemaakte uren moest betalen.
Partijen zijn op 11 mei 2021 in gesprek gegaan over het in bedrijf stellen van machines van gedaagde door eiseres. Na bevestiging van de prijslijst door gedaagde is vastgesteld dat er een overeenkomst tot stand is gekomen. Gedaagde stelde dat eiseres alleen een training had gevolgd en geen werkzaamheden had verricht, maar de rechtbank oordeelde dat het irrelevant is of dit als training of werkzaamheden wordt gekwalificeerd; de uren zijn gemaakt en dienen vergoed te worden.
De kantonrechter wees de factuur van € 5.819,35 toe, vermeerderd met contractuele rente en buitengerechtelijke incassokosten van € 872,90. Ook werden proceskosten van € 1.278,02 toegewezen aan eiseres. De vordering van gedaagde in reconventie tot verwijdering van software en vertrouwelijke informatie werd afgewezen omdat eiseres hieraan al had voldaan.
De uitspraak werd gedaan door de kantonrechter Rijnbout op 30 augustus 2023, waarbij het vonnis tot uitvoerbaarheid bij voorraad werd verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de factuur en bijkomende kosten aan eiseres.