De Gemeente Zeist heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) wegens het niet tijdig beslissen op een verzoek om herbeoordeling van een betrokkene. De rechtbank constateert dat het UWV te laat is met het nemen van een besluit en dat de gemeente het UWV in gebreke heeft gesteld. Het UWV heeft inmiddels een dwangsom betaald.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen vier weken na verzending van het vonnis een besluit moet nemen. Vanwege een tekort aan artsen is deze termijn verlengd tot vier weken. Voor elke dag dat het UWV deze termijn overschrijdt, moet het een dwangsom van €100 betalen, met een maximum van €15.000.
Daarnaast krijgt de gemeente een vergoeding van €418,50 aan proceskosten vanwege de inschakeling van juridische hulp. Verzoeken om vergoeding van deskundigenkosten worden afgewezen omdat deze niet betrekking hebben op het beroep tegen het niet tijdig beslissen. Het griffierecht wordt eveneens aan de gemeente vergoed.
De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt het UWV op binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen en de verbeurde dwangsom vast te stellen.