Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2023:6179

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
10 november 2023
Publicatiedatum
20 november 2023
Zaaknummer
16-140928-21 en 16-216396-21
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis met werkstraf en schadevergoeding aan De Volksbank

De rechtbank Midden-Nederland heeft op 10 november 2023 een vonnis uitgesproken tegen de verdachte, waarin abusievelijk niet duidelijk was opgenomen dat de opgelegde taakstraf een werkstraf betreft. Tevens was het toegekende schadebedrag aan De Volksbank N.V. onjuist vermeld in het dictum.

In dit herstelvonnis corrigeert de rechtbank deze kennelijke misslagen. De taakstraf wordt expliciet als werkstraf van zestig uren vastgesteld, met als sanctie dertig dagen jeugddetentie indien de werkstraf niet of niet naar behoren wordt uitgevoerd. Daarnaast wordt het schadebedrag gecorrigeerd naar een totaal van € 34.330,58, gebaseerd op de verschillende deelbedragen die de rechtbank toewijsbaar acht.

De rechtbank handhaaft verder haar eerdere beslissing en veroordeelt verdachte tot betaling van het schadebedrag aan De Volksbank, inclusief wettelijke rente over de verschillende deelbedragen vanaf de aangegeven data. Dit herstelvonnis dient ter juiste executie van het oorspronkelijke vonnis en is per brief aan alle betrokken partijen bekendgemaakt.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een werkstraf van zestig uren met vervangende jeugddetentie en betaling van € 34.330,58 schadevergoeding aan De Volksbank.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummers: 16/140928-21 en 16/216396-21 (ttz. gev)
Vonnis tot herstel van het op 10 november 2023 uitgesproken vonnis van de rechtbank Midden-Nederland
in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 2003 te [geboorteplaats] ,
wonende aan de [adres] , [postcode] , [woonplaats] (België).

1.De onderdelen van het vonnis die moeten worden hersteld

Oplegging van een werkstraf
Na de uitspraakdatum is de rechtbank gebleken dat het dictum van voormeld vonnis een fout bevat. In het dictum is opgenomen dat aan verdachte een taakstraf voor de duur van zestig uren is opgelegd. Abusievelijk is niet in het dictum opgenomen dat deze taakstraf een werkstraf inhoudt en dat, voor het geval de verdachte de werkstraf niet (naar behoren) verricht, de werkstraf wordt vervangen door dertig dagen jeugddetentie. In het belang van een juiste executie van het vonnis zal de rechtbank deze fout herstellen door verbetering van het dictum, waartoe het onderhavige vonnis strekt.
Hoogte van het toegewezen schadebedrag
In deze zaak heeft De Volksbank N.V. zich gevoegd en een schadevergoeding gevorderd. Na de uitspraak is gebleken dat de hoogte van het schadebedrag dat door de rechtbank is toegewezen onjuist in het dictum van voormeld vonnis is vermeld. In het vonnis is immers een motivering met betrekking tot die vordering opgenomen, waaruit blijkt dat de rechtbank de bedragen € 18.169,60, € 924,00, € 14.036,98 en € 1.200,00 voor toewijzing vatbaar heeft geacht. Het totaal toe te wijzen bedrag komt daarmee op € 34.330,58. In het belang van een juiste executie van het vonnis zal de rechtbank deze schrijffout herstellen door verbetering van het dictum, waartoe het onderhavige vonnis strekt.

2.De beslissing

De rechtbank:
- handhaaft haar beslissing van 10 november 2023, met herstel van een kennelijke misslag in het dictum als volgt en wijzigt:
veroordeelt verdachte toteen taakstraf van zestig (60) uren;
beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door dertig (30) dagenhechtenis;
in:
veroordeelt verdachte toteen taakstraf, te weten een werkstraf, van zestig (60) uren;
beveelt dat voor het geval verdachte de werkstraf niet of niet naar behoren verricht de werkstraf wordt vervangen door dertig (30) dagenjeugddetentie;
- en wijzigt:
- wijst de vordering van De Volksbank N.V. toe tot een bedrag van€ 34.335,16;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan De Volksbank N.V. van het toegewezen bedrag, waarvan hoofdelijk tot een bedrag van € 20.293,60, te vermeerderen met de wettelijke rente:
over een bedrag van€ 18.437,74vanaf 28 juli 2021;
over een bedrag van € 924,00 vanaf 20 augustus 2021;
over een bedrag van € 1.200,00 vanaf 21 september 2021;
over een bedrag van € 18.169,60 vanaf 15 oktober 2021;
in:
- wijst de vordering van De Volksbank N.V. toe tot een bedrag van€ 34.330,58;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan De Volksbank N.V. van het toegewezen bedrag, waarvan hoofdelijk tot een bedrag van € 20.293,60, te vermeerderen met de wettelijke rente:
over een bedrag van€ 14.036,98vanaf 28 juli 2021;
over een bedrag van € 924,00 vanaf 20 augustus 2021;
over een bedrag van € 1.200,00 vanaf 21 september 2021;
over een bedrag van € 18.169,60 vanaf 15 oktober 2021;
- bepaalt dat de griffier dit vonnis doet hechten aan het originele vonnis van 10 november 2023 en dit vonnis per brief ter kennis doet brengen van de verdachte, de raadsvrouw, de officier van justitie en de benadeelde partij.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. Gerritse, voorzitter, tevens kinderrechter,
mrs. L.M.G. de Weerd en H.J. van Woudenberg, rechters, in tegenwoordigheid van
mr. J. Broere als griffier.
Mrs. L.M.G. de Weerd en H.J. van Woudenberg zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.