ECLI:NL:RBMNE:2023:6205
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verwijdering en inzage politiegegevens op grond van Wet politiegegevens
Eiser verzocht op grond van de Wet politiegegevens (Wpg) om verwijdering van aangiftes van derden die hij onjuist en stigmatiserend vindt, en om inzage in alle gegevens die ten grondslag liggen aan zijn aandachtsvestiging bij de politie. De korpschef wees deze verzoeken af. De rechtbank bevestigt dat correctie of verwijdering van politiegegevens alleen mogelijk is bij feitelijke onjuistheden, niet bij meningen of persoonlijke interpretaties. Eiser kon niet aantonen dat de aangiftes feitelijk onjuist waren.
Daarnaast oordeelt de rechtbank dat eiser reeds inzage heeft gehad in de gegevens die de aandachtsvestiging rechtvaardigen en dat er geen nieuwe feiten zijn die een hernieuwde inzage rechtvaardigen. De korpschef mag bovendien weigeren dat eiser gegevens overschrijft of kopieert. De rechtbank vindt dat de aandachtsvestiging terecht is ingesteld vanwege het frequente contact van eiser met de politie en dat eiser via de daarvoor openstaande kanalen aangifte kan doen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, en de rechtbank wijst ook andere verzoeken van eiser, waaronder om dwangsommen en terugbetaling van griffierecht, af. De uitspraak is gedaan door rechter Mol en griffier Westerhof op 21 november 2023.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot verwijdering en inzage wordt afgewezen.