ECLI:NL:RBMNE:2023:6269
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontnemingsvordering wegens ontbreken wederrechtelijk verkregen voordeel
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 24 november 2023 de vordering van het Openbaar Ministerie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van €41.970,- van veroordeelde, veroordeeld voor medeplegen van witwassen en overtreding van de Opiumwet.
De verdediging stelde niet-ontvankelijkheid wegens overschrijding van de redelijke termijn en vrijspraak in de hoofdzaak, maar de rechtbank oordeelde dat de lichte termijnoverschrijding geen uitzonderlijk geval vormde en dat het OM ontvankelijk was. De rechtbank stelde vast dat het witwassen zelf geen direct voordeel opleverde, en dat de omzetting van bitcoins naar contant geld geen vermogensvermeerdering veroorzaakte.
Verder kon niet buiten redelijke twijfel worden vastgesteld dat veroordeelde andere strafbare feiten had gepleegd die een grond voor ontneming konden vormen, omdat het dossier onvoldoende concrete aanwijzingen bevatte over de herkomst van de bitcoins en het ontbreken van nader onderzoek.
Daarom concludeerde de rechtbank dat geen wederrechtelijk verkregen voordeel kon worden vastgesteld en wees de ontnemingsvordering af.
Uitkomst: De rechtbank wijst de ontnemingsvordering af wegens ontbreken van vast te stellen wederrechtelijk verkregen voordeel.