Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 24 november 2023 de ontnemingsvordering tegen de veroordeelde, die was veroordeeld voor medeplegen van opzetwitwassen in 2015. De officier van justitie vorderde ontneming van € 96.870,-, het bedrag dat volgens haar het wederrechtelijk verkregen voordeel vertegenwoordigt.
De verdediging betoogde dat het witwassen op zichzelf geen bewijs is voor daadwerkelijk genoten voordeel en dat de ontnemingsvordering daarom moet worden afgewezen. De rechtbank overwoog dat witwassen zelf niet automatisch leidt tot vermogensvermeerdering en dat het enkel omzetten van bitcoins in contant geld geen voordeel opleverde.
Verder onderzocht de rechtbank of andere strafbare feiten konden worden betrokken bij de ontnemingsvordering. Hoewel het merendeel van de bitcoins afkomstig was van Darknet Markets, kon niet buiten redelijke twijfel worden vastgesteld dat de veroordeelde andere strafbare feiten had gepleegd. Het noodzakelijke onderzoek ontbrak.
Daarom concludeerde de rechtbank dat geen grondslag bestaat voor ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel en wees de vordering af.
Uitkomst: De rechtbank wijst de ontnemingsvordering af wegens het ontbreken van concreet wederrechtelijk verkregen voordeel.