Uitspraak
1.De procedure
- de spreekaantekeningen van [verzoekster] ;
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
132,00
Rechtbank Midden-Nederland
De huurder [verzoekster] huurde vanaf 1 augustus 2022 een bedrijfsruimte van Cube Centre met een huurovereenkomst van één jaar die op 1 augustus 2023 eindigde. Cube Centre zegde de huurovereenkomst op per 31 juli 2023 en vorderde ontruiming van het gehuurde op die datum.
[verzoekster] verzocht op grond van artikel 7:230a BW om verlenging van de ontruimingstermijn tot 1 oktober 2024, stellende dat haar belangen zwaarder zouden wegen dan die van Cube Centre. Cube Centre verweerde zich met het beroep op de verplichte afwijzingsgrond van artikel 7:230a lid 4 BW wegens structurele wanbetaling.
De kantonrechter oordeelde dat het verzoek tijdig en ontvankelijk was, maar dat de wanbetaling door [verzoekster] ernstig en structureel was geweest gedurende de gehele huurperiode. Ondanks latere betalingen na afloop van de huurovereenkomst, was de wanbetaling niet voldoende weggenomen om de afwijzingsgrond uit te sluiten.
Daarom werd het verzoek afgewezen en het tijdstip van ontruiming vastgesteld op 1 maart 2024, rekening houdend met de bedrijfsbelangen van [verzoekster]. Tevens werd [verzoekster] veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €660,00.
Uitkomst: Verzoek tot verlenging ontruimingstermijn afgewezen wegens structurele wanbetaling; ontruiming vastgesteld op 1 maart 2024.