ECLI:NL:RBMNE:2023:6345
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen loonsanctie UWV wegens ontbreken spoedeisend belang
Verzoeker, een huisarts met een eigen praktijk, kreeg op 28 april 2023 van het UWV een loonsanctie opgelegd wegens het niet naleven van re-integratieverplichtingen. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en diende op 11 september 2023 een verzoek om voorlopige voorziening in om het UWV te dwingen een ontvangstbevestiging van het bezwaarschrift te sturen en het dossier te overleggen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er geen sprake was van onverwijlde spoed, omdat het UWV reeds had bevestigd dat het bezwaar in behandeling was genomen en de stukken aan de gemachtigde van verzoeker waren verzonden. Ondanks herhaalde verzoeken van de griffier om contact, reageerde verzoekers gemachtigde niet, en het UWV bevestigde op 6 november 2023 dat het bezwaar inhoudelijk zal worden beoordeeld.
Gezien deze omstandigheden concludeerde de voorzieningenrechter dat het verzoek kennelijk ongegrond was en wees het af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting en bindt de rechtbank niet in een eventueel bodemgeding.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.