Eiser diende op 28 november 2022 een verzoek in op grond van de Wet open overheid (Woo). Verweerder verlengde de beslistermijn eenmaal, maar nam uiteindelijk niet tijdig een besluit. Eiser stelde verweerder in gebreke en stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep ontvankelijk en gegrond is. Verweerder heeft onvoldoende tijdig en volledig beslist, ondanks de complexiteit van het verzoek dat duizenden documenten omvat en betrokkenheid van meerdere derden en instanties.
De rechtbank acht een langere termijn van vier maanden na het verweerschrift realistisch om tot een zorgvuldige beslissing te komen. Verweerder wordt opgedragen binnen deze termijn alsnog een volledig besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd voor overschrijding.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €418,50 en het griffierecht van €184 aan eiser. De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer op 13 april 2023.