Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1. [eiser sub 1] ,
2.[eiser sub 2] ,
3.[eiser sub 3]
[vergunninghouder] B.V.(gemachtigde: P. Kerklaan), vergunninghouder, en de
gemeenteraad van de gemeente Wijdemerenaan deze zaak deelgenomen.
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft beroepen van omwonenden tegen een omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Wijdemeren heeft verleend aan [vergunninghouder] B.V. voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van de bouw van 14 woningen aan de Dammerweg in Nederhorst den Berg.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de vergunning in twee fasen is verleend, waarbij de huidige procedure alleen ziet op het afwijken van het bestemmingsplan en niet op de bouwvergunning zelf. Eisers maakten bezwaar tegen de mogelijke negatieve gevolgen voor hun woon- en leefomgeving, de bodemverontreiniging, de procedurele aspecten, en de gevolgen voor natuur en parkeren.
De rechtbank oordeelt dat de bodemverontreiniging adequaat wordt gesaneerd en dat de vergunning pas geldig is na afronding hiervan. De procedure is zorgvuldig verlopen, ondanks een kennelijke verschrijving in de datum van de verklaring van geen bedenkingen. Het college heeft de belangen van omwonenden voldoende betrokken en de afwijking van het bestemmingsplan is niet in strijd met de goede ruimtelijke ordening.
Ook de bezwaren over de gevolgen voor Natura 2000-gebied, overlast door verkeer, en de situering van parkeerplaatsen zijn niet gegrond. De rechtbank concludeert dat het college in redelijkheid tot zijn besluit is gekomen en verklaart de beroepen ongegrond.
Uitkomst: De beroepen tegen de omgevingsvergunning worden ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.