ECLI:NL:RBMNE:2023:6835
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstandsuitkering wegens niet-levensvatbaar bedrijf
Eiser, eigenaar van een bedrijf in chocolade en koffie, vroeg op 11 augustus 2022 een uitkering aan voor levensonderhoud en een kapitaalkrediet van €30.000,-. Verweerder wees deze aanvraag op 23 november 2022 af, omdat het bedrijf naar verwachting niet levensvatbaar zou zijn. Eiser maakte bezwaar, dat op 3 april 2023 ongegrond werd verklaard, waarna hij beroep instelde.
De rechtbank behandelde het beroep op 3 oktober 2023. Verweerder baseerde zich op een advies van een deskundig adviesbureau, dat concludeerde dat het bedrijf onvoldoende onderscheidend vermogen heeft, een matig promotieplan, beperkte ondernemerskwaliteiten van eiser, onvoldoende concurrentiepositie en onduidelijkheid over het eigen vermogen. Eiser betwistte deze conclusies en stelde dat zijn bedrijf wel levensvatbaar is, onderbouwd met eigen financiële gegevens en plannen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zich terecht baseerde op het deskundigenadvies, aangezien eiser onvoldoende objectieve, verifieerbare gegevens had aangeleverd om de juistheid of zorgvuldigheid van het advies te betwisten. De rechtbank concludeerde dat het bedrijf niet levensvatbaar is en verklaarde het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard omdat het bedrijf niet levensvatbaar is.