ECLI:NL:RBMNE:2023:7138
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning transformatie kantoor naar woningen
Verzoekers, wonend nabij het perceel, maakten bezwaar tegen de verleende omgevingsvergunning voor het omzetten van een kantoorpand naar zes wooneenheden. Zij vreesden onomkeerbare gevolgen door voortzetting van de werkzaamheden en stelden dat de vergunning strijdig was met het bestemmingsplan en beleidsregels, onder meer vanwege parkeer- en verkeersaspecten en privacy.
De voorzieningenrechter beoordeelde of de omgevingsvergunning zodanig gebrekkig was dat schorsing noodzakelijk was. Het college had gebruikgemaakt van de Kruimelgevallenregeling om af te wijken van het bestemmingsplan. Er werd vastgesteld dat het bouwvolume niet wijzigt en dat voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein worden gerealiseerd, wat niet werd weersproken door verzoekers.
Hoewel de voorzieningenrechter een nadere motivering verlangde over de toename van verkeersintensiteit, achtte zij de vergunning voorlopig rechtmatig. De privacyzorgen werden onvoldoende onderbouwd geacht, mede door de ligging van het perceel en de aard van de dakramen.
Gezien het voorlopig rechtmatigheidsoordeel woog het belang van vergunninghouder bij voortzetting van de werkzaamheden zwaarder dan het belang van verzoekers bij schorsing. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning wordt afgewezen vanwege onvoldoende twijfel aan de rechtmatigheid.