Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 4,
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 6,
- de brief van [eiseres] van 7 oktober 2022 waarin zij mede namens [gedaagde] heeft verzocht om uitstel van de op 18 oktober 2022 geplande mondelinge behandeling wegens schikkingsonderhandelingen,
- de brief van 9 november 2022 van [eiseres] , waarin zij bericht dat partijen geen overeenstemming hebben bereikt en verzoekt om voortzetting van de procedure,
- de brief van 28 december 2022 van [gedaagde] met de producties 7 tot en met 9,
- de mondelinge behandeling, gehouden op 13 januari 2023, waarin beide partijen zijn verschenen, ieder bijgestaan door hun advocaat. Van het verhandelde ter zitting is aantekening gehouden.