ECLI:NL:RBMNE:2024:105
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke afwijzing vordering tot betaling huurverhoging en kwijtgescholden bedrag
De Stichting verhuurt kantoorruimte en parkeerplaatsen aan [gedaagde] sinds 1 juli 2016. De huurovereenkomst bevat bepalingen over jaarlijkse huurprijsaanpassing per 1 juli en het recht van de verhuurder om het voorschot op servicekosten aan te passen.
De Stichting verhoogde het voorschot servicekosten per 1 januari 2023 en indexeerde de huurprijs eveneens per die datum, terwijl de huurovereenkomst indexatie alleen per 1 juli toestaat. [gedaagde] maakte bezwaar tegen de vervroegde huurindexatie en betaalde vanaf maart 2023 een deel van de huur niet.
De Stichting vorderde betaling van achterstallige huur, inclusief een eerder kwijtgescholden bedrag, en buitengerechtelijke kosten. De kantonrechter oordeelde dat de huurindexatie per 1 januari 2023 onrechtmatig was en wees die vordering af. Het verhoogde voorschot servicekosten was echter terecht en moest betaald worden. De kwijtschelding kwam niet te vervallen ondanks betalingsachterstanden.
De buitengerechtelijke incassokosten werden deels toegewezen, de proceskosten werden gecompenseerd en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De vordering tot betaling van het verhoogde voorschot servicekosten wordt toegewezen, de huurverhoging per 1 januari 2023 en het kwijtgescholden bedrag worden afgewezen.