ECLI:NL:RBMNE:2024:1245
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om proceskostenvergoeding toegewezen na intrekking bezwaar en beroep wegens tegemoetkoming
Verzoeker heeft zowel een verzoek om voorlopige voorziening als een beroepschrift ingetrokken nadat verweerder op 22 december 2023 een nieuw besluit nam waarin werd besloten tot afgifte van een tewerkstellingsvergunning. Hierdoor kwam verweerder tegemoet aan het beroep van verzoeker. Verzoeker vroeg vervolgens om een proceskostenvergoeding.
De voorzieningenrechter oordeelt dat bij intrekking van verzoek en beroep vanwege tegemoetkoming, de voorzieningenrechter op verzoek proceskosten kan toewijzen. Verweerder had reeds een proceskostenvergoeding van € 1.791,- toegekend, maar de voorzieningenrechter stelde vast dat dit bedrag onjuist was berekend volgens de geldende tarieven vanaf 1 januari 2024.
De voorzieningenrechter berekende zelf de vergoeding en stelde deze vast op € 2.374,-, waarbij rekening werd gehouden met de kosten voor bezwaar, beroep en voorlopige voorziening. Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de betaalde griffierechten voor zowel het beroep als de voorlopige voorziening. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van € 2.374,- aan proceskosten en vergoeding van griffierechten aan verzoeker.