Eiser heeft op 8 november 2023 beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht. De rechtbank heeft eiser op 15 december 2023 aangetekend verzocht het griffierecht van €50,- binnen vier weken te voldoen. Omdat het griffierecht niet tijdig is betaald en eiser geen geldige reden heeft gegeven, is het beroep volgens artikel 8:54 vanPro de Algemene wet bestuursrecht kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank heeft het beroep daarom niet inhoudelijk behandeld. Er is geen vergoeding van proceskosten toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter S.C.A. van Kuijeren op 24 januari 2024 in Utrecht. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Deze procedure betreft een bestuursrechtelijke zaak waarin de formele vereisten voor het in behandeling nemen van een beroep centraal stonden. De rechtbank benadrukt het belang van tijdige betaling van griffierechten om ontvankelijkheid te waarborgen.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige betaling van het griffierecht.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
Zaaknummer: UTR 23/5451
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 januari 2024 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht,verweerder.
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser op 8 november 2023 heeft ingediend tegen de uitspraak op bezwaar van verweerder 9 oktober 2023.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiser heeft namelijk het griffierecht niet (op tijd) betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 50,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiser op 15 december 2023 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiser het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet (op tijd) ontvangen. Eiser heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 AwbPro). Het beroep zal daarom niet inhoudelijk worden behandeld.
7. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.C.A. van Kuijeren, rechter, in aanwezigheid van P.W. Hogenbirk griffier .De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 24 januari 2024.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.