De kinderrechter van Rechtbank Midden-Nederland heeft op 7 maart 2024 besloten tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2016 en tot het verlenen van een machtiging tot uithuisplaatsing in een voorziening voor pleegzorg. Dit besluit volgt op een verzoek van de gecertificeerde instelling (GI) die zorgen heeft over de veiligheid en ontwikkeling van de minderjarige, mede door de constatering van een geslachtsziekte en de noodzaak van nader onderzoek naar de herkomst hiervan.
De minderjarige verblijft momenteel in een netwerkpleeggezin en er is een begeleide omgangsregeling met de vader. De vader staat positief tegenover verlenging van de ondertoezichtstelling maar verzet zich tegen de uithuisplaatsing, terwijl de moeder het eens is met de verzoeken en de vader niet vertrouwt. De GI benadrukt de noodzaak van voortzetting van de uithuisplaatsing totdat meer duidelijkheid is verkregen over de situatie.
De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria voor verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing is voldaan. De machtiging tot uithuisplaatsing wordt verleend voor zes maanden, het overige wordt aangehouden. De GI wordt opgedragen de rechtbank te informeren over de voortgang van het onderzoek. Tevens wordt met nadruk verzocht dat ouders stoppen met het delen van informatie over de minderjarige op social media vanwege de schadelijke gevolgen voor het kind.