De eenmanszaak had een vastgoedbeschermingsovereenkomst en een gebruiksovereenkomst met gedaagde voor ruimtes in het officierscasino. In 2017 droeg de eenmanszaak haar onderneming over aan eiseres, die in 2023 de overeenkomst opzegde en ontruiming eiste.
Gedaagde betwistte de ontvankelijkheid van eiseres, stellende dat de overeenkomst niet op haar was overgegaan. Eiseres stelde dat zij onder algemene titel de rechten en plichten had verkregen door overname van de onderneming.
De kantonrechter oordeelde dat verkrijging onder algemene titel slechts in limitatieve gevallen geldt en dat eiseres geen feiten had aangevoerd die dit aannemelijk maakten. Zonder medewerking van gedaagde kon de overeenkomst niet onder bijzondere titel overgaan. Gedaagde had geen medewerking verleend, noch was stilzwijgende toestemming aannemelijk.
Daarom is eiseres niet-ontvankelijk in haar vordering tot ontruiming en betaling van gebruiksvergoeding. Eiseres werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan gedaagde.