ECLI:NL:RBMNE:2024:2310
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening compensatie kinderopvangtoeslag wegens ontbreken spoedeisend belang
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen de afwijzing van haar aanvraag tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslagcompensatie van €30.000. Verweerder heeft dit bedrag reeds aan haar ex-partner uitgekeerd, omdat de compensatieregeling van de lichte toets eenmalig geldt.
Verzoekster stelt dat haar ex-partner nooit kinderopvangtoeslag heeft aangevraagd en dat de compensatie daarom aan haar moet worden uitgekeerd. Zij verwijst naar eerdere correspondentie en stelt dat verweerder niet adequaat reageert op haar verzoek om correctie. Verzoekster voert aan dat zij door de situatie ernstige mentale stress ondervindt en spoedeisend belang heeft bij een snelle uitbetaling.
De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden toegewezen bij een zwaarwegend spoedeisend belang, wat hier niet is aangetoond. Financiële nood alleen is onvoldoende en de behandeling van het bezwaar kan worden afgewacht. Ook is niet duidelijk dat het bestreden besluit evident onrechtmatig is.
Daarom wordt het verzoek afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.