Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2024:2319

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
18 april 2024
Publicatiedatum
16 april 2024
Zaaknummer
16/039901-22 (P)
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 10 lid 4 OpiumwetArt. 10a lid 1 OpiumwetArt. 11b lid 1 OpiumwetArt. 2 OpiumwetArt. 47 lid 1 Wetboek van Strafrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte betrokkenheid productie methamfetamine en deelname criminele organisatie

De rechtbank Midden-Nederland heeft op 18 april 2024 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van deelname aan een criminele organisatie en het vervaardigen van methamfetamine. De tenlastelegging omvatte vier feiten, waaronder deelname aan een organisatie met als doel de productie van methamfetamine, het vervaardigen van methamfetamine in een woning en/of schuur, het aanwezig hebben van grote hoeveelheden methamfetamine, en het voorhanden hebben van voorwerpen en chemicaliën ter voorbereiding van de productie.

Tijdens de inhoudelijke behandeling heeft de rechtbank kennisgenomen van de standpunten van de officier van justitie en de verdediging. Beide partijen hebben vrijspraak bepleit. De rechtbank heeft geoordeeld dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen. Op grond hiervan is verdachte vrijgesproken van alle vier de feiten.

Daarnaast heeft de rechtbank het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven en gelast dat de in beslag genomen blauwe Samsung-telefoon inclusief hoesje aan verdachte wordt teruggegeven. De tenlastelegging is als bijlage aan het vonnis gehecht, waarin de feiten nader zijn omschreven, inclusief de gebruikte middelen en locaties.

De uitspraak benadrukt het belang van een wettig en overtuigend bewijs om tot een veroordeling te komen, hetgeen in deze zaak ontbrak. De zaak illustreert de zorgvuldigheid van de rechterlijke macht bij het toetsen van complexe strafzaken met betrekking tot drugshandel en productie.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van deelname aan criminele organisatie en productie van methamfetamine.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16/039901-22 (P)
Vonnis van de meervoudige kamer van 18 april 2024
in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1989 te [geboorteplaats] ,
wonende aan de [adres 1] te ( [postcode] ) [woonplaats] ,
hierna te noemen: verdachte.

1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting op 1 juni 2022 (pro forma), 11 oktober 2022 (regie), 7 februari 2024 (inhoudelijke behandeling) en 4 april 2024 (sluiting onderzoek ter terechtzitting).
De rechtbank heeft bij de inhoudelijke behandeling kennisgenomen van de vorderingen van de officieren van justitie mr. A.E. Lohuis en mr. A.J.M. Vreekamp (hierna tezamen genoemd: de officier van justitie) en van hetgeen verdachte en zijn raadsman
mr. J. Zevenboom, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht.

2.TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is op de terechtzitting van 7 februari 2024 nader omschreven. De nader omschreven tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:
feit 1
in de periode van 27 juli 2020 tot en met 15 februari 2022 te [plaats 1] en/of [plaats 2] en/of
Rotterdam heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, welke organisatie tot oogmerk had het vervaardigen van methamfetamine;
feit 2
in de periode van 27 juli 2020 tot en met 15 februari 2022 te [plaats 1] (in een woning en/of in een schuur) in vereniging methamfetamine heeft vervaardigd;
feit 3
op 15 februari 2022 te [plaats 1] in vereniging ongeveer 25,45 kilogram en/of 2,99 kilogram en/of 78,1 kilogram en/of 280,85 liter methamfetamine (HCI) opzettelijk aanwezig heeft gehad;
feit 4
in de periode van 27 juli 2020 tot en met 15 februari 2022 te [plaats 1] (in een woning en/of
in een schuur) in vereniging en ter voorbereiding van het vervaardigen van methamfetamine
voorwerpen en/of chemicaliën en/of grondstoffen voorhanden heeft gehad.

3.VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 VRIJSPRAAK

4.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte dient te worden vrijgesproken van alle vier aan hem ten laste gelegde feiten.
4.2
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit van de ten laste gelegde feiten.
4.3
Het oordeel van de rechtbank
ten aanzien vanfeit 1,feit 2,feit 3enfeit 4
De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat het aan verdachte ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat verdachte daarvan zal worden vrijgesproken.
Voorlopige hechtenis
De rechtbank zal het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opheffen.

5.BESLAG

De rechtbank zal de teruggave gelasten aan verdachte van het onder hem in beslag genomen voorwerp, te weten een blauwe Samsung telefoon, inclusief hoesje.

6.BESLISSING

De rechtbank:
Vrijspraak
 verklaart het onder feit
1,
2,
3en
4ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
Voorlopige hechtenis
 heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis;
Beslag
 gelast de teruggave aan verdachte van het volgende voorwerp:

Blauwe Samsung (PL0900-2021378889-G2948462), inclusief hoesje.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. Brouwer, voorzitter, mr. J. Edgar en mr. L.C. Michon, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. Troostheide, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 18 april 2024.
Bijlage: de tenlastelegging
Aan verdachte wordt - na aanpassing van de tenlastelegging - ten laste gelegd dat:
1
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 27 juli 2020 tot en met 15 februari 2022 te [plaats 1] en/of [plaats 2] (gemeente [gemeente] ) en/of Rotterdam, althans in Nederland,
heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten (onder andere) [naam 1] en/of [naam 2] en/of [naam 3] en/of [naam 4] en/of [naam 5] en/of [naam 6] en/of [naam 7] en/of [naam 8] en/of [naam 9] en/of [naam 10] en/of [naam 11] en/of [naam 12] en/of één of meer onbekend gebleven personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 10 derde Pro, vierde, vijfde lid, 10a eerste lid, 11 derde, vijfde lid en/of 11a Opiumwet;
( art 10 lid 4 Opiumwet Pro, art 10a lid 1 ahf/sub 1 alinea Opiumwet, art 11b lid 1 Opiumwet, art 2 ahf Pro/ond B Opiumwet )
2
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 27 juli 2020 tot en met 15 februari 2022 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk (in een woning en/of een schuur aan de [adres 2] ) heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd en/of vervaardigd, een (grote) hoeveelheid methamfetamine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende methamfetamine, zijnde methamfetamine een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
( art 10 lid 4 Opiumwet Pro, art 2 ahf Pro/ond B Opiumwet, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
3
hij op of omstreeks 15 februari 2022 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 25,45 kilogram en/of 2,99 kilogram en/of 78,1 kilogram en/of 280,85 liter (meth)amfetamine (HCI), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende (meth)amfetamine, zijnde (meth)amfetamine een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
( art 10 lid 3 Opiumwet Pro, art 2 ahf Pro/ond C Opiumwet, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
4
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 27 juli 2020 tot en met 15 februari 2022 te [plaats 1] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen, te weten - het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren, en/of - het opzettelijk vervaardigen van een hoeveelheid methamfetamine, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet
- ( telkens) een of meer anderen heeft/hebben getracht te bewegen om dat/die feit(en) te plegen, te doen plegen, mede te plegen, uit te lokken en/of om daarbij behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te verschaffen en/of
- ( telkens) zich en/of een ander gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen,
- ( telkens) voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden en/of andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan hij/zij, verdachte en/of zijn/haar mededader(s), wist(en) of ernstige reden had(den) om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit, hebbende hij verdachte en/of zijn mededader(s):
een woning althans ruimte (waaronder een schuur behorende bij die woning) gebruikt voor de productie van synthetische drugs en/of één of meer voertuigen geregeld/gebruikt om chemicaliën en/of grondstoffen te vervoeren en/of voorwerpen en/of chemicaliën en/of grondstoffen, te weten
- een of meerdere rechthoekige bakjes (met opschrift [.] ) en/of
- een thermometer
- één rvs-pan (merk: Pujadas) gevuld met een oplossing althans een of meerdere stoffen en/of - een of meerdere (inductie)kookpla(a)ten en/of
- een of meerdere koelbox(en) gevuld met vloeistof en/of kristallen en/of
- een of meerdere ijsemmer(s) (merk Toros) met aftapkraan gevuld met vloeistof en/of kristallen
- vijf althans een of meerdere jerrycans met zoutzuur en/of
- een jerrycan met ‘Acidity Regulator 37’ althans een zure vloeistof en/of
- een of meerdere vaten gevuld met tolueen en/of aceton althans een vloeistof en/of
- twee, althans een of meerdere emmers gevuld met een vloeistof en/of
- een vat met een licht basisch vloeistof en/of
- een of meerdere fles(sen) en/of emmer(s) met FD-metamfetamine, althans een vloeistof en/of
- een (plastic) zak met FD-wijnsteenzuur en/of
- twee althans een of meerdere centrifuges en/of
- een zuurkoolvat gevuld met MAPAA/APAA althans een poeder en/of
- een rvs-pan en/of
- tweeënvijftig althans één of meerdere liters vervuilde scheitrechter en/of
- een balans en/of
- een of meerdere vloeistofpompen en/of
- een of meerdere roerstokken en/of
- een of meerdere bakken (om vloeistof weg te laten lopen) en/of
- een of meerdere (vervuilde) maatbekers en/of
- een of meerdere ventilatoren en/of
- een of meerdere trechter(s) en/of
- een of meerdere plantenspuit(en) en/of
- gereedschap, waaronder lepels, deksels, schalen en/of werkhandschoenen waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);
( art 10 lid 4 Opiumwet Pro, art 10 lid 5 Opiumwet Pro, art 10a lid 1 ahf/sub 1 alinea Opiumwet, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )