Uitspraak
[eiser], uit [woonplaats], verzoeker/eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
goed functioneren van de overheid) en artikel 5.2 van de Woo (
persoonlijke beleidsopvattingen ten behoeve van intern beraad) niet op juiste wijze heeft toegepast.
goed functioneren van de overheid) en artikel 5.2 van de Woo (
persoonlijke beleidsopvattingen ten behoeve van intern beraad) op juiste wijze zijn toegepast.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- verklaart de bezwaren van eiser niet ontvankelijk;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.821,-;
- bepaalt dat verweerder het betaalde griffierecht van € 184,- aan eiser vergoedt;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af;
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Informatie over hoger beroep
zover daarbij is beslist op het beroep, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak voor zover daarbij is beslist op het beroep. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. Tegen deze uitspraak voor zover deze gaat over de voorlopige voorziening staat geen hoger beroep open.