ECLI:NL:RBMNE:2024:2488

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
23 april 2024
Publicatiedatum
23 april 2024
Zaaknummer
16/234670-22 (P)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs openlijk geweld in Amersfoort

Op 14 september 2022 vond in Amersfoort een incident plaats waarbij openlijk geweld werd gepleegd tegen een persoon en diens personenauto. Verdachte werd ervan verdacht deel uit te maken van de groep die dit geweld pleegde.

Tijdens de terechtzitting op 26 maart 2024 en 9 april 2024 werden de standpunten van de officier van justitie en de verdediging gehoord. De officier van justitie stelde dat verdachte zich bij de aanvallende groep voegde en daarmee medepleger was. De verdediging betoogde dat verdachte pas ter plaatse kwam toen het geweld al voorbij was en dat hij juist probeerde te de-escaleren.

De rechtbank oordeelde dat niet buiten redelijke twijfel kon worden vastgesteld dat verdachte daadwerkelijk ter plaatse was tijdens het geweld. Hoewel er aanwijzingen waren dat verdachte in een van de auto's zat die het slachtoffer klemreden, vond de rechtbank deze onvoldoende om dat met zekerheid vast te stellen. Hierdoor kon niet worden bewezen dat verdachte een wezenlijke bijdrage leverde aan het geweld.

De rechtbank sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde openlijk geweld. Dit vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Midden-Nederland op 23 april 2024.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat niet met voldoende zekerheid vastgesteld kan worden dat hij ter plaatse was tijdens het gepleegde geweld.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16/234670-22 (P)
Vonnis van de meervoudige kamer van 23 april 2024
in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren op [1996] te [geboorteplaats] ,
wonende aan [adres] te [woonplaats] ,
hierna: verdachte.

1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 26 maart 2024 (inhoudelijke behandeling) en 9 april 2024 (sluiting onderzoek).
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. F.E. Leeman en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. A. Boumanjal, advocaat te Utrecht, naar voren hebben gebracht.

2.TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:
op 14 september 2022 te Amersfoort openlijk geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer] en/of een personenauto Audi A3.

3.VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4.VRIJSPRAAK

4.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht het ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen. Verdachte voegde zich bij de groep die in de aanval was, terwijl het conflict nog niet klaar was. Verdachte heeft zelf verklaard dat hij kwam om te helpen en te ondersteunen en dat het uit de hand is gelopen. Dit wijst erop dat verdachte deel uitmaakte van de groep die het geweld heeft gepleegd.
4.2
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het ten laste gelegde, nu niet bewezen kan worden dat verdachte een significante en wezenlijke bijdrage heeft gehad in het ten laste gelegde geweld. Verdachte kwam pas ter plaatse toen het geweld al ten einde was en er is geen bewijs dat verdachte geweldshandelingen heeft verricht. Verdachte heeft weliswaar verklaard dat hij daar ter plaatse kwam om te helpen, maar hiermee bedoelde verdachte dat hij de situatie wilde de-escaleren.
4.3
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het hem ten laste gelegde feit heeft begaan en zal hem daarvan vrijspreken. De rechtbank overweegt daartoe dat niet buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld dat verdachte ter plaatse was toen het geweld tegen het slachtoffer en zijn voertuig plaatsvond. Hoewel het dossier aanwijzingen bevat dat verdachte in één van de auto’s zat die de auto van het slachtoffer heeft klemgereden, acht de rechtbank die aanwijzingen te mager voor de vaststelling dat hij daadwerkelijk in één van die auto’s zat. Dat betekent dat het mogelijk is dat, zoals verdachte verklaarde, hij later te voet is aangekomen. Uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting kan de rechtbank niet opmaken of dat voor, ten tijde, of pas na afloop van de geweldshandelingen is geweest. Daarom kan de rechtbank niet met voldoende mate van zekerheid vaststellen dat verdachte deel uitmaakte (door het leveren van een wezenlijke bijdrage) van de groep die openlijk geweld heeft gepleegd. De rechtbank zal verdachte vrijspreken van het ten laste gelegde.

5.BESLISSING

De rechtbank:
Vrijspraak
- verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en
spreekt verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.C. Michon, voorzitter, mrs. E.H.M. Druijf en J.P. Verboom, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.I. van Balkom, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 23 april 2024.
De oudste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage: de tenlastelegging
Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 14 september 2022 te Amersfoort, althans in Nederland, openlijk, te weten, op/aan de Sluisstraat, in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten [slachtoffer] en/of een goed te weten een personenauto Audi A3, door
- de personenauto waarvan die [slachtoffer] de bestuurder was klem te rijden en/of
- een of meer portier(en) van de personenauto van die [slachtoffer] open te trekken en/of
- (vervolgens) terwijl die [slachtoffer] nog in de personenauto zat een of meer trappende en/of slaande bewegingen te maken naar die [slachtoffer] , althans in de richting van die [slachtoffer] en/of
- meermalen, althans eenmaal, te slaan en/of te schoppen op/tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer] en/of
- meermalen, althans eenmaal op/tegen de autoruiten van de personenauto van die [slachtoffer] te schoppen en/of te trappen en/of
- meermalen, althans eenmaal met een moersleutel, althans met een hard voorwerp, op de motorkap van de personenauto van die [slachtoffer] te slaan.