ECLI:NL:RBMNE:2024:2521

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
20 maart 2024
Publicatiedatum
24 april 2024
Zaaknummer
23/5109
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 12, eerste lid, IWArt. 17, eerste lid, IWArt. 17, tweede lid, IWArt. 8:4, eerste lid, aanhef en onderdeel b, AwbArt. 6:15 Awb
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechtbank verklaart zich onbevoegd in verzet tegen dwangbevel belastinginvordering

De zaak betreft het verzet van eiser tegen een dwangbevel van 1 september 2023, uitgevaardigd door de ontvanger in naam van de koning. Eiser heeft op 12 oktober 2023 verzet ingesteld bij de rechtbank Midden-Nederland. De rechtbank stelt vast dat de invordering van belastingaanslagen via een dwangbevel geschiedt op grond van de Invorderingswet 1990.

Volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is tegen een dwangbevel geen beroep mogelijk bij de bestuursrechter. Het verzet tegen een dwangbevel moet worden ingesteld bij de civiele rechter door middel van een dagvaarding. De rechtbank concludeert daarom dat zij kennelijk onbevoegd is om kennis te nemen van het verzet.

De rechtbank heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting omdat dat niet noodzakelijk werd geacht. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd en er is geen griffierecht geheven van eiser. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 20 maart 2024 en de griffier was verhinderd de uitspraak te ondertekenen.

Tot slot informeert de rechtbank partijen over de mogelijkheid om binnen zes weken een verzetschrift in te dienen en over de wijze waarop digitaal of schriftelijk verzet kan worden ingesteld.

Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzet tegen het dwangbevel.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/5109

1.a

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 maart 2024 in de zaak tussen

[eiser] , te [woonplaats] , eiser,

en

Onbekende verweerder, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het verzet van eiser tegen de dwangbevel in naam van de koning van 1 september 2023.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Eiser heeft op 12 oktober 2023, ontvangen door de rechtbank op 13 oktober 2023, verzet ingesteld tegen een brief van verweerder van 1 september 2023.
3. De invordering van een belastingaanslag kan op basis van de Invorderingswet 1990 (IW) gebeuren bij een door de ontvanger uit te vaardigen dwangbevel [1] . De belastingschuldige – degene op wiens naam de belastingaanslag is gesteld – kan tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel in verzet komen bij de rechtbank [2] . Het verzet wordt gedaan door middel van een dagvaarding door de belastingschuldige als eiser aan de ontvanger die het dwangbevel heeft uitgevaardigd als gedaagde [3] . Op grond van de Awb kan tegen een dwangbevel geen beroep worden ingesteld bij de bestuursrechter [4] . Het verzet tegen een dwangbevel van de ontvanger moet worden ingesteld bij de civiele rechter. Artikel 6:15 van Pro de Awb voorziet niet in een doorzendplicht van een beroepschrift/verzetschrift naar de burgerlijke rechter.
3.1.
Het voorgaande leidt de rechtbank tot de conclusie dat zij (kennelijk) onbevoegd is van het beroep kennis te nemen.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
5. Van eiser is geen griffierecht geheven.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.C.A. van Kuijeren, rechter, in aanwezigheid van
O. Asafiati, griffier
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 20 maart 2024.
De griffier is verhinderd deze
uitspraak te ondertekenen.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet in lokale belastingzaken

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden. Digitaal verzet instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Verzet instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de rechtbank Midden-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, Postbus 16005, 3500 DA Utrecht.

Voetnoten

1.Artikel 12, eerste lid, IW.
2.Artikel 17, eerste lid, IW.
3.Artikel 17, tweede lid, IW.
4.Artikel 8:4, eerste lid, aanhef en onderdeel b, Awb.