ECLI:NL:RBMNE:2024:2559
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen ongeldigverklaring rijbewijs wegens niet meewerken aan rijgeschiktheidsonderzoek
Eiser maakte bezwaar tegen het besluit van het CBR om zijn rijbewijs ongeldig te verklaren omdat hij niet volledig heeft meegewerkt aan het onderzoek naar zijn rijgeschiktheid. Het CBR had eerder uitstel verleend vanwege zijn verblijf en werkzaamheden in Canada, maar besloot uiteindelijk geen verder uitstel te geven. De rechtbank oordeelt dat het CBR eiser voldoende heeft geïnformeerd over de gevolgen van niet meewerken en de betalingsverplichtingen.
De rechtbank stelt vast dat het CBR meerdere malen uitstel heeft verleend op basis van de omstandigheden van eiser, maar dat het uitstel niet onbeperkt kon voortduren. Eiser had zelf de keuze gemaakt langer in Canada te blijven, waardoor hij niet binnen de gestelde termijnen kon meewerken. De rechtbank benadrukt dat het CBR binnen de wettelijke kaders heeft gehandeld en dat het onderzoek zo spoedig mogelijk moet plaatsvinden.
De rechtbank concludeert dat het CBR niet onzorgvuldig heeft gehandeld en dat eiser geen recht heeft op terugbetaling van het griffierecht of vergoeding van proceskosten. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het CBR blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het CBR om het rijbewijs van eiser ongeldig te verklaren blijft in stand.