ECLI:NL:RBMNE:2024:2717
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen last onder dwangsom wegens ontbreken procesbelang
De zaak betreft een last onder dwangsom opgelegd aan een B.V. vanwege een niet-SCIOS-goedgekeurde stookinstallatie en brandstofleidingen op een perceel eigendom van de heer A, tevens enig aandeelhouder en bestuurder van de B.V. De B.V. maakte bezwaar tegen de last onder dwangsom, die door het college werd gehandhaafd in een besluit van 29 december 2022.
De rechtbank onderzocht of het college het besluit bevoegd had genomen en of de juiste persoon was aangesproken. Hoewel de last aanvankelijk aan de B.V. werd opgelegd, erkende het college in het bestreden besluit dat de eigenaar, de heer A, de overtreder was en dat het besluit aan hem gericht had moeten worden. Dit gebrek werd volgens de rechtbank in het bestreden besluit hersteld.
Omdat het beroep uitsluitend door de B.V. was ingesteld en niet door de eigenaar, en de B.V. geen procesbelang meer had nu de eigenaar als overtreder was aangemerkt, verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Tevens verwees de rechtbank het bezwaar van de eigenaar tegen de invorderingsbeschikking terug naar het college voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het beroep van de B.V. is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.