Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven naar aanleiding van letsel opgelopen bij een mishandeling in 2009. De aanvraag werd ingediend op 24 april 2023, ruim na de wettelijke termijn van tien jaar die voor minderjarige slachtoffers begint te lopen vanaf hun meerderjarigheid. Verweerder heeft de aanvraag niet in behandeling genomen wegens deze termijnoverschrijding.
Eiseres stelde dat zij pas sinds 2022, toen haar klachten verergerden, aanspraak kon maken op een uitkering omdat zij toen in een hogere letselcategorie viel. Zij voerde aan dat zij de aanvraag zo spoedig mogelijk na deze verergering heeft ingediend. De rechtbank oordeelt echter dat deze omstandigheden zich na het verstrijken van de termijn voordeden en niet rechtvaardigen dat de aanvraag te laat werd ingediend.
Verweerder hanteert beleid waarin alleen onder bijzondere omstandigheden, zoals psychische overmacht, een te late aanvraag alsnog in behandeling kan worden genomen. Eiseres heeft dit niet voldoende onderbouwd. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de terugbetaling van griffierecht en proceskostenvergoeding af.