De man en vrouw zijn gehuwd en bevinden zich in een echtscheidingsprocedure. De man verzoekt om voorlopige voorzieningen, waaronder het exclusieve gebruik van de woning. De vrouw verzet zich hiertegen en vraagt zelf om het exclusieve gebruik van de woning en partneralimentatie.
De rechtbank weegt de belangen af en besluit dat het belang van de man zwaarder weegt, mede omdat hij eigenaar is van de woning en hij zijn omgangsregeling met zijn kinderen uit een eerdere relatie moet kunnen nakomen. De vrouw moet de woning verlaten en mag deze zonder toestemming niet betreden.
Het verzoek van de vrouw om partneralimentatie wordt afgewezen omdat zij haar behoefte niet heeft gesteld en de gevraagde bijdrage onvoldoende is onderbouwd. De rechtbank benadrukt dat het stellen van de behoefte op de weg van de vrouw ligt.
De beslissing geldt voor de duur van de echtscheidingsprocedure en is in het openbaar uitgesproken op 20 maart 2024.