ECLI:NL:RBMNE:2024:388
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens ontbreken spoedeisend belang bij inhouding uitkering
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amersfoort om haar uitkering over november en december 2023 in te houden. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om de inhouding te voorkomen.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 11 januari 2024 en oordeelde dat bij financiële geschillen zoals deze niet snel sprake is van spoedeisend belang, omdat het bedrag na afloop van de bodemprocedure alsnog kan worden terugbetaald. Verzoekster stelde dat zij door de inhouding acute financiële nood ervaart, met betalingsachterstanden en afgesloten nutsvoorzieningen.
De voorzieningenrechter vond echter dat de situatie niet onomkeerbaar was en dat verzoekster mogelijkheden had om in haar levensonderhoud te voorzien, onder meer door leningen van familie en een energietoeslag van haar partner. Ook waren betalingsregelingen getroffen en was een nieuwe energieleverancier aangewezen. Daarom ontbrak het aan spoedeisend belang.
Verder was het besluit niet evident onrechtmatig, wat betekent dat het niet overduidelijk onjuist was zonder diepgaand onderzoek. Verzoekster erkende dit ook. De belangenafweging leidde tot afwijzing van het verzoek om voorlopige voorziening. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en evident onrechtmatig besluit.