In deze wrakingszaak heeft de rechtbank Midden-Nederland het wrakingsverzoek van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard. Het verzoek werd ingediend terwijl de rechter al bezig was met het uitspreken van de mondelinge einduitspraak. Omdat het onderzoek in de hoofdzaak al was gesloten op 17 juni 2024 en de uitspraak was vastgesteld, was er geen ruimte meer voor een wrakingsverzoek.
De rechtbank heeft tevens een herstelbeslissing genomen waarin een foutieve datum in de eerdere beslissing van 20 juni 2024 is gecorrigeerd. De juiste datum waarop het onderzoek werd gesloten is vastgesteld op 17 juni 2024. Verder is de eerdere beslissing gehandhaafd en is bepaald dat deze verbetering op de minuut van de beslissing wordt vermeld.
De wrakingskamer heeft het verzoek dus afgewezen omdat het te laat werd ingediend, namelijk na het sluiten van het onderzoek en tijdens het uitspreken van het vonnis. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.