ECLI:NL:RBMNE:2024:413
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor brandstichting met gemeen gevaar voor goederen in GGZ-instelling
Op 31 mei 2023 heeft verdachte in zijn kamer binnen een GGZ-instelling te Utrecht opzettelijk brand gesticht door een matras, kledingstukken en een tas in brand te steken. Hierdoor ontstond gemeen gevaar voor goederen, namelijk de inboedel en het meubilair van zijn kamer. De brand werd tijdig ontdekt door het brandalarm en personeel, waardoor de schade beperkt bleef.
De rechtbank heeft op basis van getuigenverklaringen, forensisch onderzoek en het feit dat verdachte de enige was met sleutel van de kamer vastgesteld dat verdachte de brand heeft veroorzaakt. Verdachte leed aan schizofrenie en verbleef op de crisisafdeling. Hoewel verdachte weigerde mee te werken aan psychiatrisch onderzoek, was uit een eerder verleende zorgmachtiging gebleken dat hij een psychische stoornis heeft die zijn gedragskeuzes beïnvloedde.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar is, maar dat het bewezen feit in belangrijke mate door zijn stoornis werd ingegeven. Gezien de lopende verplichte zorgmachtiging en het feit dat verdachte passende zorg ontvangt, achtte de rechtbank een straf of maatregel niet opportuun. Verdachte werd schuldig verklaard zonder oplegging van straf of maatregel.
Uitkomst: Verdachte wordt schuldig verklaard aan brandstichting maar krijgt geen straf opgelegd vanwege zijn psychische stoornis en lopende zorgmachtiging.