De vrouw vordert dat de man wordt veroordeeld tot medewerking aan een DNA-onderzoek om vast te stellen of hij de biologische vader is van de minderjarige geboren in 2022. De rechtbank Zeeland-West-Brabant had eerder een DNA-onderzoek gelast waarbij partijen moesten meewerken. De man weigert echter zijn medewerking te verlenen, waardoor het onderzoek niet kan worden uitgevoerd.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het spoedeisend belang aanwezig is vanwege het belang van de minderjarige bij een snelle vaststelling van de familierechtelijke betrekking. De man is niet verschenen op de zitting, waardoor verstek wordt verleend. De vordering tot nakoming van de beschikking wordt toegewezen, evenals de vordering tot het opleggen van een dwangsom van €500 per dag met een maximum van €10.000 bij niet-nakoming.
Daarnaast wordt de tenuitvoerlegging van het vonnis onder lijfsdwang toegestaan, beperkt tot maximaal 12 uur per keer, oplopend tot maximaal 72 uur, indien de man blijft weigeren na verbeuren van de dwangsommen. De man wordt tevens veroordeeld in de proceskosten en het nasalaris, met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.