De zaak betreft een leaseovereenkomst tussen drie partijen over een koffieautomaat, waarbij de gedaagde partij een beroep op dwaling deed. De kantonrechter oordeelde dat de gedaagde een onjuiste voorstelling van zaken had bij het sluiten van de overeenkomst, omdat hij niet was geïnformeerd over het feit dat de overeenkomst feitelijk een herfinanciering inhield met een grote schuldlast.
De feiten tonen aan dat de gedaagde de overeenkomst tekende zonder de inhoud te kunnen lezen, en dat de onderhoudskosten en reparatiekosten onduidelijk waren. De gedaagde betaalde niet langer de termijnen nadat onenigheid ontstond over reparatiekosten die volgens hem niet verschuldigd waren. Vervolgens werd hem een nieuwe leaseovereenkomst aangeboden zonder duidelijke uitleg over de herfinanciering.
De kantonrechter vond dat de eiser onvoldoende had gedaan om de gedaagde te informeren en dat de leaseovereenkomst vernietigd moest worden op grond van dwaling. De gedaagde moet de koffieautomaat teruggeven, en de eiser wordt veroordeeld in de proceskosten. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.