De verkoper van een woning bleef na de levering van de woning aan de koper in de woning wonen, ondanks een sommatie om te vertrekken. De koper vorderde in kort geding ontruiming van de woning met spoedeisend belang, omdat hij de woning zelf wilde bewonen en de eigendomsrechten droeg.
De verkoper stelde dat er mondeling een afspraak was dat hij tot 1 oktober 2024 in de woning mocht blijven wonen, maar kon dit niet aannemelijk maken. De rechtbank oordeelde dat de verkoper zonder recht of titel in de woning verbleef en dat de koper een spoedeisend belang had bij ontruiming.
De belangenafweging wees uit dat het belang van de koper om de woning te betrekken en de eigendomsrechten te beschermen zwaarder woog dan het belang van de verkoper om in de woning te blijven. De ontruiming werd toegewezen met een termijn van vijf dagen na betekening. De verkoper werd veroordeeld in de proceskosten.