ECLI:NL:RBMNE:2024:5006

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
14 augustus 2024
Publicatiedatum
20 augustus 2024
Zaaknummer
UTR 24/3626
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:38 AwbArt. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-betaling griffierecht

Eiser heeft op 24 maart 2024 beroep ingesteld tegen een besluit van de staatssecretaris voor Rechtsbescherming van 28 februari 2024. De rechtbank heeft eiser op 23 juni 2024 aangetekend verzocht het griffierecht van €187,- binnen vier weken te voldoen. Deze brief werd onbestelbaar geretourneerd en vervolgens op 16 juli 2024 per gewone post verzonden, waarbij werd vermeld dat de termijn niet opnieuw aanving.

De rechtbank ontving het griffierecht niet en eiser gaf geen geldige reden voor het uitblijven van betaling. Volgens artikel 8:41 Awb Pro is betaling van griffierecht verplicht voor behandeling van het beroep. Zonder betaling is de rechtbank niet bevoegd het beroep inhoudelijk te behandelen.

De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54 Awb Pro. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter K. de Meulder op 14 augustus 2024 in Utrecht.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 24/3626

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 augustus 2024 in de zaak tussen

[eiser] , uit [woonplaats] , eiser,

en

de staatssecretaris voor Rechtsbescherming

(voorheen: de minister voor Rechtsbescherming), verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingesteld op 24 maart 2024 tegen het besluit van verweerder van 28 februari 2024.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiser heeft namelijk het griffierecht niet betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht €187,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiser op 23 juni 2024 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiser het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank. Deze brief is onbestelbaar aan de rechtbank geretourneerd. Hierna is deze brief, ter voldoening aan het bepaalde in artikel 8:38 van Pro de Awb, op 16 juli 2024 per gewone post verzonden aan eiser. Daarbij is vermeld dat de in de brief van 23 juni 2024 genoemde termijn niet opnieuw aanvangt.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet ontvangen. Eiser heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro).
7. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K. de Meulder, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 augustus 2024.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.