Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
- 67,5 gram cocaïne en
- 8,02 gram heroïne,
6.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
10.VORDERING TOT TENUITVOERLEGGING
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 33, 33a, 36b, 36d en 47 van het Wetboek van Strafrecht en
- 2 en 10 van de Opiumwet;
12.BESLISSING
- verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot
- bepaalt dat de tijd door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- verklaart het volgende voorwerp onttrokken aan het verkeer:
- notitieboekje (G3288912);
- wijst de vordering
- gelast de tenuitvoerlegging van een gedeelte van de door de politierechter van deze rechtbank bij vonnis van 23 juni 2023 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf, te weten voor een gedeelte van 21 dagen;
- gelast in plaats van de vrijheidsstraf het verrichten van
- beveelt dat voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 21 dagen hechtenis.
- (ongeveer) 67,5 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of
- (ongeveer) 8,02 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne,