ECLI:NL:RBMNE:2024:5158
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit arbeidsongeschiktheid wegens onvoldoende medische motivering
Eiser, werkzaam als production engineer, werd op 26 oktober 2020 ziek gemeld vanwege Covid en vroeg op 18 juli 2022 een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde zijn arbeidsongeschiktheid vast op 68,64%, wat eiser betwistte omdat hij zichzelf volledig arbeidsongeschikt achtte. Na bezwaar en beroep handhaafde het UWV dit percentage, gebaseerd op rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen.
De rechtbank beoordeelde de medische rapporten en concludeerde dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep onvoldoende en niet overtuigend had gemotiveerd waarom eiser niet volledig arbeidsongeschikt zou zijn. De psychiater had juist ernstige beperkingen en afhankelijkheid van naasten beschreven die niet waren weerspiegeld in de UWV-rapporten. Hierdoor was het besluit niet deugdelijk gemotiveerd.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg het UWV op een nieuw besluit te nemen, waarbij een nieuw medisch onderzoek moet plaatsvinden, bij voorkeur met een fysiek spreekuur. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het UWV-besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende gemotiveerde medische beoordeling en het UWV moet een nieuw besluit nemen.