ECLI:NL:RBMNE:2024:5216
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding en executiekosten na executieverkoop watermolen
Eiseres en gedaagde waren schuldeisers van een bedrijf dat eigenaar was van een watermolen. Na executieverkoop van de watermolen door gedaagde, waarbij eiseres de watermolen kocht, werd tussen kijkdag en gunning inventaris ontvreemd en vernield door de voormalig directeur van het bedrijf. Eiseres vorderde schadevergoeding van gedaagde wegens het niet treffen van maatregelen ter voorkoming hiervan en betwistte de hoogte van executiekosten.
De rechtbank oordeelde dat gedaagde niet onrechtmatig had gehandeld omdat het beheer van de watermolen tot de executieverkoop bij het bedrijf bleef en geen bijzondere omstandigheden bestonden die maatregelen vereisten. Ook het niet doen van aangifte door gedaagde werd niet als onrechtmatig beschouwd, mede omdat eiseres zelf aangifte had gedaan.
Daarnaast faalde het beroep op wanprestatie omdat de koopovereenkomst de watermolen leverde in feitelijke staat en eiseres al op de hoogte was van de schade bij ondertekening. De vordering tot terugbetaling van BTW over executiekosten werd afgewezen omdat eiseres niet kon aantonen gerechtigde te zijn tot die vordering. De proceskosten werden aan eiseres opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiseres af en veroordeelt haar in de proceskosten.