ECLI:NL:RBMNE:2024:5339
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken bestreden besluit en onduidelijkheid beroepsgrond
Eiseres heeft op 3 oktober 2022 beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister voor Rechtsbescherming. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld omdat het kennelijk niet-ontvankelijk was op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
De rechtbank heeft eiseres op 19 april 2024 verzocht om een kopie van het bestreden besluit te overleggen en duidelijkheid te verschaffen over de inhoud van haar beroep. Hoewel eiseres op 24 mei 2024 verschillende besluiten heeft bijgevoegd, heeft zij niet duidelijk gemaakt tegen welk besluit het beroep is gericht.
Eiseres verwijst in haar reactie naar verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en de Algemene verordening gegevensbescherming, maar maakt niet helder om welke specifieke besluiten het gaat. Hierdoor is voor de rechtbank onduidelijk waar het beroep betrekking op heeft.
De rechtbank concludeert dat het beroep niet voldoet aan de vereisten van artikel 6:5 Awb Pro en dat het verzuim niet tijdig is hersteld. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en blijft het bestreden besluit in stand. Het betaalde griffierecht wordt niet terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van het bestreden besluit en onvoldoende duidelijkheid over de beroepsgrond.